Eisen ADR gevaarlijke stoffen: Afstandseisen, werkvoorraden, ondergrenzen, gevaarklassen - Oil Control Systems

Klik hier voor alle product categorieën op één rij!

Eisen ADR gevaarlijke stoffen: Afstandseisen, werkvoorraden, ondergrenzen, gevaarklassen

Welke aandachtspunten en maatregelen moet u in acht nemen bij het aanhouden van werk(voorraden) gevaarlijke stoffen:

 

Onder een werk(voorraad) gevaarlijke stoffen wordt verstaan de voorraad gevaarlijke stoffen welke voor de bedrijfsvoering/productie in een productieruimte/werkruimte of nabij een procesinstallatie of afvulinstallatie is opgesteld. Deze werkvoorraad moet strikt noodzakelijk zijn. De grootte ervan moet in principe zijn afgestemd op het verbruik van één Batch (dag of week batch). Gevaarlijke stoffen die in afwachting zijn van opslag gewone voorraad of afvoer vallen niet binnen de definitie van werkvoorraad.

 

Aandachtspunten en Maatregelen

 

  • De opslag van de werkvoorraad mag zich niet bevinden in een rij route van vorkheftrucks of andere transportmiddelen.
  • Indien één eenheid verpakking meer dan één week als werkvoorraad wordt gebruikt zijn in het algemeen het gebruik en de opgeslagen hoeveelheid werkvoorraad niet meer in proportie.
  • De gevaarlijke stoffen die als werkvoorraad in een productie- of werkruimte of nabij een procesinstallatie aanwezig zijn, moeten worden bewaard in deugdelijke en gesloten verpakking, die bestand is tegen de betreffende gevaarlijke stof.
  • Indien op de risico’s van de werkvoorraad geënte maatregelen en voorzieningen zijn getroffen is een permanente werkvoorraad in een productie/werkruimte of nabij een procesinstallatie toegestaan. De hoeveelheid bedraagt in dat geval maximaal één verpakking per te gebruiken stof plus indien noodzakelijk één reserveverpakking of de hoeveelheid benodigd voor één batch (productierun).
  • Indien de werkvoorraad bestaat uit een hoeveelheid van meer dan de ondergrens(zie hieronder) dan moet de verpakking zijn geplaatst boven een vloeistofdichte lekbak of een gelijkwaardige voorziening. Hiervan kan worden afgeweken als (het betreffende deel van) de vloer van de betreffende productie/werkruimte ten minste vloeistof kerend is. Dit geldt niet voor brandbare vloeistoffen; daarvoor blijft vanuit randveiligheidsoptiek een lekbak of een andere gelijkwaardige voorziening wenselijk. Doelstelling is in een dergelijk geval het verkleinen van het verdampingsoppervlak in geval van een lekkage. Afhankelijk van de risico's van de stof kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn (bijvoorbeeld met betrekking tot ventilatie).
  • Een laskar met gasflessen kan ook als werkvoorraad worden beschouwd.

 

 

Ondergrenzen per ADR klasse:

 

Ten behoeve van de werkingssfeer van PGS 15 zijn ondergrenzen vastgesteld. Daarbij is rekening gehouden met zowel de gevaaraspecten die bepaalde stoffen kunnen bezitten als wel de hoeveelheid verpakte gevaarlijke stoffen en CMR-stoffen die voor een goede bedrijfsvoering als werkvoorraad mag worden beschouwd. In tabel 1.2 zijn de te hanteren ondergrenzengenoemd. Het hangt van het karakter en de grootte van het bedrijf af of de ondergrenzen per inrichting, gebouw, opslagvoorziening of anderszins gelden. Meer uitleg over ondergrenzen(InfoMill)

 

 

Tabel Ondergrenzen PGS 15

ADR-klasse

Omschrijving

onder PGS 15 ?

Bijzonderheden / Ondergrens in kg/ltr    [1] [2]

3, 4.1, 4.2, 4.3, 5.1, 6.1, 6.2 en 8 + CMR-stoffen

alle stoffen in verpakkingsgroep I

ja

1 (VG I)

 

gevaarlijke afvalstoffen voor zover klasse valt onder werkingssfeer PGS 15

ja

zie ondergrens voor stof in betreffende ADR-klasse

2

gasflessen, meest voorkomende gassen, zie bijlage H PGS 15

ja

125 liter waterinhoud. Propaan, zuurstof, stikstof, argon, kooldioxide, acetyleen

 

divers

bestrijdingsmiddelen tot 400 kg

nee

De opslag van deze stoffen is geregeld in de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, voor zover minder dan 400 kg aanwezig is en geen ADR klassificatie van toepassing is.

1

ontplofbare stoffen en voorwerpen

nee

Deze stoffen vragen een specifieke aanpak en maatwerkoplossingen in de omgevingsvergunning. Een deel van de stoffen uit deze klasse valt onder het regime van het Vuurwerkbesluit. Zwart buskruit, springstoffen, ontstekers, vuurwerk

2

spuitbussen en gaspatronen

ja

50

Bij opslag van spuitenbussen en gaspatronen in combinatie met andere verpakte gevaarlijke stoffen gevaarlijke stoffen geldt geen ondergrens.

2

meest voorkomende gassen, zie bijlage H PGS 15

ja

50

2

gasflessen met giftige of bijtende inhoud

nee

Voor gassen met deze specifieke gevaarsaspecten kan PGS 15 wel als basis voor de vergunningvoorschriften worden gebruikt, maar zijn afhankelijk van de situatie aanvullende voorschriften nodig.

3

brandbare vloeistoffen

ja

25 (VGII) Bepaalde oplosmiddelen, inkten, harsoplossingen, aardolieproducten

50 (VGIII) Bepaalde oplosmiddelen, inkten, harsoplossingen, aardolieproducten

4.1

brandbare vaste stoffen

ja

50 (VG II en III Wrijvingslucifers, zwavel, metaalpoeders

4.2

vatbaar voor zelfontbranding

ja

50 (VG II en III) Fosfor (wit of geel), diethylzink

4.3

ontwikkelt brandbaar gas in contact met water

ja

50 (VG II en III) Magnesiumpoeder, natrium, calciumcarbide

5.1

oxiderende stoffen

ja

50 (VG II en III) Kaliumpermanganaat, natriumchloraat

5.1, 9

nitraathoudende kunstmeststoffen

nee

Hiervoor geldt PGS 7.

5.2

LQ verpakkingen die stoffen bevatten met UN-nummer 3103 t/m UN nummer 3110 (type C t/m F zonder temperatuurbeheersing

ja

30 Dicumyl peroxide, di-propionyl peroxide

6.1

giftige stoffen

ja

50 (VG II en III) Chloroform, arseen, kaliumcyanide, pesticiden

6.2 cat I3, I4

infectueuze stoffen, uitsluitend ziekenhuisafval en diagnostische monsters

ja

50 (VG II en III)

6.2, niet cat I3 en I4

infectueuze stoffen

nee

Vanwege de specifieke aspecten is hiervoor altijd een maatwerkoplossing nodig. Bacteriën, virussen, parasieten, schimmels, ziekenhuisafval

7

radioactieve stoffen

nee

Deze stoffen vallen onder de Kern energiewet. Uranium-238, kobalt-60

8

bijtende stoffen

ja

250 (VG II en III) Natriumhydroxide, zwavelzuur, zoutzuur, azijnzuur

9

diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen - uitsluitend de milieugevaarlijke stoffen vallen onder PGS 15 [3]

ja

250 (VG II en III) Polychloorfenolen, lithiumbatterijen, aquatoxische stoffen

9

de niet-milieu gevaarlijke stoffen en voorwerpen

nee

Er is geen reden voor speciale opslagvoorzieningen, maar deze stoffen kunnen wel als 'aanverwante stoffen' in een opslagvoorziening worden bewaard.

9

genetisch gemodificeerde organismen

nee

Deze stoffen vallen onder het Besluit Genetisch Gemodificeerde Organismen. Daarnaast is een Wm-vergunning nodig, waarin maatwerkvoorschriften voor de opslag van deze stoffen moeten worden opgenomen.

 

 

  • a) Voor de interpretatie van kg of l, zie paragraaf 1.7. Bij overschrijding is PGS 15 van toepassing. Voor verpakking(en) die onder het regime van gelimiteerde hoeveelheden (LQ, zie paragraaf 3.4 van het ADR) of vrijgestelde hoeveelheden (E, zie paragraaf 3.5 van het ADR) vallen geldt een aanvullende vrijstelling tot in totaal de dubbele hoeveelheid van de in tabel genoemde hoeveelheid. Deze aanvullende vrijstelling geldt alleen indien de stoffen in de transportverpakking zijn opgeslagen.
  • b) Voor stoffen met een bijkomend gevaar is de laagste ondergrens/vrijstelling bepalend.
  • c) Hiermee wordt aangesloten op de in PGS 8 gehanteerde ondergrens.
  • d) [1] Voor LQ of EQ verpakkingen gelden de dubbele hoeveelheden als ondergrenzen.
  • e) [2] Voor het vaststellen van hoeveelheden geldt voor vloeistoffen en samengeperste gassen, de nominale inhoud van houders in liters en voor overige stoffen de netto massa in kilogram.
  • f) [3] ADR klasse 9 is een zeer diverse klasse, waar een scala aan verschillende stoffen en voorwerpen onder valt. Uitsluitend de milieugevaarlijke stoffen vallen onder PGS 15. Belangrijkste groep vormen de vloeibare en vaste stoffen die het aquatisch milieu kunnen verontreinigen (UN 3077 en UN 3082). Voorbeelden zijn: kwik(I)chloride, difenylether, chloorhexidine, diisopropylbenzenen en gechloreerde paraffinen.

 

 

Opgemerkt dient te worden dat men brandgevaarlijke, explosieve en giftige stoffen boven de ondergrens in een brandwerende opslag dient te plaatsen.

 

Tevens wordt opgemerkt dat hoeveelheden van verpakte gevaarlijke stoffen en/of CMR-stoffen die de voornoemde ondergrenzen niet overschrijden wel verantwoord moeten worden opgeslagen. Dat wil zeggen dat opslag niet op de werkvloer mag plaatsvinden tenzij het gaat om een hoeveelheid die als werkvoorraad kan worden aangeduid.

 

Ter aanvulling van het activiteitenbesluit VROM mei 2008:

acitiviteitenbesluit Tabel 4. Opslag gevaarlijke stoffen in verpakking

 

Verpakkingsgroep:

 

Een groep, waarin bepaalde stoffen op grond van hun gevaarlijkheid tijdens het vervoer conform het ADR zijn ingedeeld voor verpakkingsdoeleinden.

 

  • Verpakkingsgroep I: zeer gevaarlijke stoffen
  • Verpakkingsgroep II: gevaarlijke stoffen
  • Verpakkingsgroep III: minder gevaarlijke stoffen.

 

 

 

Afstandseisen conform PGS 15:

 

WBDBO (Bouwbesluit) Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag in minuten conform NEN 6068.

 

 

Voor uitpandige opslagen geldt dat: de WBDBO van 60 minuten ook behaald kan worden met afstand namelijk:

 

  • indien de afstand van de opslagvoorziening tot de inrichtingsgrens, een ander bouwwerk dat tot de inrichting behoort, of andere brandbare objecten, ten minste 5 m bedraagt, de brandwerendheid van de wanden, het dak en de draagconstructie van de opslagvoorziening ten minste 30 min moet bedragen. Deuren, ventilatieopeningen, leidingdoorvoeren of rookluiken in deze constructie mogen geen afbreuk doen aan de vereiste brandwerendheid;
  • indien de afstand van de opslagvoorziening tot de inrichtingsgrens, een ander bouwwerk dat tot de inrichting behoort, of andere brandbare objecten, ten minste 10 m bedraagt er ten aanzien van de brandwerendheid van de wanden, het dak en de draagconstructie geen eis van toepassing is;
  • en dat binnen deze afstanden geen opslag van brandbare stoffen dan wel brandgevaarlijke activiteiten plaatsvinden die een brand kunnen veroorzaken of waarlangs een brand zich kan voortplanten naar de opslagvoorziening.

 

 

Gevaarklasse: 

Gevaarklasse gevaarlijke stoffen 

 

ON LINE Informatie gevaarlijke stoffen:

 

Voor snelle ON LINE identificatie van UN nummers ( gevaarlijke stoffen) kunt u dankbaar gebruik maken van deze link

 

Mocht deze informatie voor u ontoereikend zijn, neem geen risico en neem dan contact op met ons bedrijf telefoonnr +31 174 - 281 675.

 

Informatie afkomstig uit/van:

  • PGS 15 (Publicatiereeks gevaarlijk stoffen)
  • RIVM (Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)
  • ADR ( Accord européen relatif au transport international de marchandises Dangereuses par Route)